DE KRACHT VAN ONS LICHAAM

Toen we jong waren stond ik er niet bij stil. Ik was geboren in een groot gezin met zes broers en één zus. Mijn zus is elf jaar jonger dan ik. Ikzelf heb nog mijn jongere broers en zus helpen groot brengen.
Bij ons thuis was het altijd werken geblazen. Nu, vele jaren later, denk ik nog dikwijls aan mijn jeugd, ik was nooit moe.
Nu is mijn energie beperkt en moet ik orde op zaken stellen, wat zeggen ze : niet teveel hooi op de vork nemen.
Maar letterlijk moet ik nu met mijn lichaam rekening houden, na één dag hard werken is het voor mij genoeg. Ik kan moeilijk inslapen en de daaropvolgende dag kom ik echt down uit mijn bed gestapt.
Dan probeer ik mijn dag te vullen, en ook te genieten van het voorbije werk – iets te klasseren, te winkelen, een babbeltje te slaan mag dan wel iets langer uitlopen, want anders is het altijd rap-rap – iets uitgebreider te koken, met mijn man ’s weg te rijden…
Kom zeg, zo in mijn volgende dag nog OK.
Lier, 2001


Gezondheid
Veertien maanden Psychiatrie